Gene Wolfe, "The Knight" (2004)

De schrijver van fantasy, meer dan de schrijver van enig ander soort literatuur, ziet zich geconfronteerd met de taak om het oude nieuw te maken. Immers, de ingrediënten waarmee hij werkt zijn genres en motieven die al duizenden jaren onze verbeelding beheersen -- qua genres het epos, de mythe, het sprookje; qua motieven de queeste, de held, de confrontatie met het monster, de relatie tussen het magische en het werkelijke. Wie fantasy schrijft duikt per definitie diep in de geschiedenis van de literatuur, van de mensheid, wellicht van de menselijke psyche zelf.

F. Scott Fitzgerald, "The Great Gatsby" (1925)

Het ligt voor de hand om The Great Gatsby te lezen als een commentaar op de American dream. Het levensverhaal van Gatsby is een wel heel curieuze en schrijnende versie van het traditionele "rags-to-richess" en bovendien is hij de dromer par excellence. Net zoals de man in het verhaal van Borges besluit Gatsby, eigenlijk James Gatz, een man te dromen -- namelijk Jay Gatsby, een betere versie van zichzelf, een succesvolle en rijke man die zich mag verheugen in de eeuwige liefde van het rijke meisje Daisy dat ooit zijn hart heeft gestolen.

Ira Levin, "The Boys from Brazil" (1976)

Vermoedelijk is The Boys from Brazil een thriller, een genre waarvan ik weet dat het bestaat maar waarin ik werkelijk nooit iets lees. Behalve nu, dus. Mijn oog viel op het boek omdat ik de titel kende en bovendien ongeveer wist waar het over ging: een ontsnapte nazi-wetenschapper, dokter Mengele, die in Zuid-Amerika datgene doet wat iedere ontsnapte nazi-wetenschapper in Zuid-Amerika zou doen. Inderdaad: Hitler klonen.

Milan Kundera, "The Unbearable Lightness of Being" (1984)

Een roman die begint met een verhandeling over Nietzsches idee van de eeuwige wederkeer en vervolgens de vraag stelt wat beter is, lichtheid of zwaarheid, is een roman die mij als filosoof natuurlijk onmiddellijk aanspreekt. Niet dat het een werkelijk filosofische verhandeling is, als ik die term enigszins essentialistisch gebruiken mag; daarvoor zou de doordenking van Nietzsche te weinig grondig, te weinig systematisch zijn. Het is filosofie geïnjecteerd in een roman, maar dan binnen die roman als zodanig apart gezet en herkenbaar gehouden.

Ontdekkingen

Een column uitgesproken op 30 april 2015 bij Naturalis After Dark.

Of vroeger alles beter was, dat valt te betwijfelen, maar het verleden had minimaal één ding voor op het heden: er viel toen nog werkelijk iets te ontdekken. De wereldkaart was vol lege plekken. Achter de horizon van het bekende lonkte altijd het mysterie van het onbekende, verleidelijk als een vrouw die zich geven zal aan de eerste vent die onverschrokken genoeg is haar kasteel te betreden. En niet zomaar een vrouw, maar een vrouw zoals je nog nooit hebt ontmoet, vreemd en exotisch en in staat dromen te vervullen waarvan je niet eens vermoedde dat je ze koesterde. Is het een wonder dat er altijd mannen te vinden waren die hun echtgenotes en kinderen achter zich lieten om op expeditie te gaan?

Baren en bouwen

Een column uitgesproken op 26 maart 2015 bij Naturalis After Dark.

Dingen doen met DNA – dat klinkt spannend. Denk eens aan alles wat mogelijk wordt wanneer we levende wezens naar hartenlust kunnen veranderen! Ik noem maar wat: een kat die het heerlijk vindt als je zijn nagels komt knippen. Een ui met een ritssluiting, zodat je 'm niet hoeft te schillen. Of, een waarlijk lumineus idee dat ik zojuist had, een tropisch eiland omgevormd tot een vakantiepark waarin echte dinosaurussen rondlopen. Ja, een eindeloos rijk van opties opent zich zodra wij volkomen heer over de schepping geworden zijn. Want weliswaar heeft God het leven niet slecht ontworpen, zeker als je bedenkt dat Hij er maar twee dagen voor uit heeft getrokken; maar er kan hier en daar nog wel wat toegevoegd of verbeterd worden.

Arthur Conan Doyle, "The Lost World" (1912)

Arthur Conan Doyle is zó bekend van zijn verhalen over Sherlock Holmes dat zijn andere literaire werken daarbij in de schaduw staan. Van de rest van zijn oeuvre schijnen de drie romans en twee korte verhalen over professor Challenger nog het bekendst te zijn; en dit boek, The Lost World, is de eerste van die romans.

Mini-interview op Radio Sleutelstad

Voor de liefhebber, een interview met mij over wetenschap en filosofie op Radio Sleutelstad.

Stephen Crane, "The Red Badge of Courage" (1895)

The Red Badge of Courage is een verwarrend boek en dat is precies de bedoeling. Crane beschrijft een enkele veldslag uit de Amerikaanse burgeroorlog, maar laat hierbij zoveel mogelijk context weg: we krijgen niets te horen over de oorlog als geheel en van de veldslag niets meer dan wat één enkele soldaat, "de jongeling," ervan ziet en begrijpt. Dat is niet veel. De individuele soldaat heeft volstrekt geen overzicht, weet niet wat er gebeurt, wat zijn rol in het grotere geheel is of zelfs maar of de gevaarlijke acties die hij uit moet voeren enig nut hebben.

Isaac Asimov, "Foundation / Foundation and Empire / Second Foundation" (1942-1953)

De originele Foundation-trilogie is wellicht het bekendste werk van Asimov, die zelf wellicht de bekendste sciencefictionschrijver van de twintigste eeuw is -- of was. Ik kan me goed voorstellen dat zijn ster zal dalen en ook al gedaald is ten opzichte van eerdere en latere schrijvers; dat Asimov iemand is die op een bepaald moment een grote invloed heeft gehad, maar die invloed niet voor de eeuwigheid behoudt.

Syndicate content