Epos

warning: Creating default object from empty value in /home/victor/public_html/modules/taxonomy/taxonomy.pages.inc on line 33.

François Rabelais, "Gargantua" (1534)

Mijn verwachtingen omtrent La vie très horrifique du grand Gargantua, père de Pantagruel, jadis composée par M. Alcofribas abstracteur de quintessence. Livre plein de Pantagruélisme -- Gargantua voor intimi -- waren erg hoog. Rabelais, een van de meesters van Franse literatuur, zou mij hier om de oren slaan met de meest bijtende satire, de meest hilarische grappen, en natuurlijk het soort vermenging van hoge en lage cultuur dat veel van de beste recente literatuur kenmerkt. Hier zou ik gaan leren waar Joyce en Pynchon de mosterd hadden gehaald!

Norman Mailer, "Ancient Evenings" (1983)

In Ancient Evenings neemt Normal Mailer ons zevenhonderd pagina's lang mee naar het oude Egypte, grofweg de periode van 1300 tot 1100 voor Christus. De vele gedetailleerde beschrijvingen van plaatsen, personen, gebruiken, mythen, rituelen en gebeurtenissen bewijzen dat Mailer veel historisch feitenmateriaal heeft verwerkt -- en toch aarzel ik om het boek een historische roman te noemen. Want essentieel aan Ancient Evenings is de spanning tussen het historische, het contemporaine en het universele die Mailer voortdurend opzoekt.

Anoniem, "Gilgamesj-epos" (rond 1200 v. Chr.)

Eigenlijk is alles wat er in de titel van dit artikel staat maar half waar. Het Gilgamesj-epos zoals wij dat vandaag de dag lezen is een specifieke versie, de 'standaardversie' die rond 1200 in elkaar is gezet, in het Akkadisch, door ene Sin-leqe-oennini, die daarbij gebruik maakte van verhalen die gedeeltelijk al rond 2000 verteld werden. Maar aangezien we alleen maar kapotte kleitabletten hebben, is die standaardversie aangevuld met allerlei andere fragmenten, sommige (veel) ouder, andere jonger, en in verschillende talen geschreven.

Anoniem, "Beowulf" (8e eeuw - 11e eeuw?)

Net zoals de Ilias is de Beowulf geobsedeerd door de vraag wat de juiste manier van handelen is in een samenleving die draait om eer verkregen bij gevechten. Homeros staat vooral stil bij de vraag wat er gebeurt wanneer deze sociale orde wordt geschonden, en of de idealen eigenlijk wel in deze vorm houdbaar zijn. De anonieme auteur van Beowulf lijkt, ook al is hij een Christen die schrijft over heidenen, minder twijfels te koesteren over de juistheid van de sociale normen.

Ludovico Ariosto, "Orlando Furioso" (1532)

Na ongeveer 1600 pagina's dolende ridders kan ik maar één ding zeggen: wat een geweldig boek is dit! En wat is het bevreemdend dat Ariosto zo wenig bekend is. Ik had althans nauwelijks van hem gehoord, en kwam dit boek meer toevallig tegen omdat er een Nederlandse vertaling van was verschenen. Vergeet Cervantes; Ariosto, da's pas leven.

Ludovico Ariosto, "Orlando Furioso" (1532), I.1 - VI.16

Het is een karwij, Ariosto lezen, aangezien Orlando Furioso tot de langste gedichten ter wereld behoort; maar hard werken, dat is het niet. We betreden hier de wereld van het ridderepos, of de romance, en worden meegenomen op een stroom van avonturen, betoveringen, tweegevechten, plotseling opstekende liefdes en net zo snel neerdalende haat, monsters, kwade koningen, goede ridders -- en wellustige monniken die impotent blijken te zijn. Zestiende eeuw, Italië: we zitten al een heel eind in de Renaissance, en niemand zou Ariosto kunnen verwarren met een serieus middeleeuws werk.

Vergilius, "Aeneis" - Allerlei

Hier een aantal fragmenten in de Aeneis die me zijn opgevallen (alle citaten uit de vertaling van Robert Fagles, met de bijbehorende nummering).

Vergilius, "Aeneis"

Ik heb de Aeneis gelezen in de recente Engelse vertaling van Robert Fagles, en daarmee het derde van de drie grote klassieke epen tot mij genomen. Was het goed? Ja, maar ik heb toch sterk de indruk dat Vergilius Homeros niet naar de kroon kan steken.

Homeros, “Odysseia” — Allerlei

Er valt in de Odyssee natuurlijk van veel te genieten--Homeros is een echte entertainer. Als rondtrekkende zanger kan je ook moeilijk geen entertainer zijn! In deze post zal ik een paar opvallende dingen noemen, maar die zijn redelijk willekeurig gekozen.

De wil van Zeus

Voor zover ik kon zien is dit de enige passage in heel Homeros waarin menselijke vrijheid wordt geaffimeerd--weliswaar gaat het hier om een gruwelijke misdaad, maar toch:

Dat tartte ieder noodlot, dat had het lot nooit beschikt. (Boek 1.)

Homeros, “Odysseia”

Zo, even het werk van Homeros er doorheen gejaagd; een paar dagen geleden de Ilias in de vertaling van M. A. Schwartz, nu de Odyssee, in de vertaling van Imme Dros.

Syndicate content