Martin Heidegger

Martin Heidegger, "Sein und Zeit" (1927), §28-38

§28

Het is tijd voor de analyse van het in-zijn als zodanig. Heidegger legt ons eerst iets meer uit over de term "Dasein". Met dat "Da" bedoelt hij een Erschlossenheit, een ontslotenheid. Het Dasein is zijn ontslotenheid. Eerder had Heidegger gezegd dat Dasein het zijn is dat het in zijn zijn om dit zijn gaat; welnu, het zijn waar het het om gaat is zijn "Da" te zijn. Hoe zijn wij dan "Da"? In Befindlichkeit en Verstehen, die beide ontspringen uit de Rede. Deze zaken gaat Heidegger nu analyseren, waarbij we uiteraard ook veel te horen zullen krijgen over de alledaagse vormen ervan.

Martin Heidegger, "Sein und Zeit" (1927), §19-27

(Even voor de duidelijkheid: deze samenvattingen maak ik vooral omdat ik ze zelf nuttig vind. Heeft iemand anders er ook plezier van: mooi! Maar er is absoluut niet die zorg aan besteed die je bijvoorbeeld van een collegeserie over Sein und Zeit zou mogen verwachten.)

§19

Martin Heidegger, "Sein und Zeit" (1927), §14-18

§14

Heidegger gaat het fenomeen van de wereld, van de wereldlijkheid van de wereld, aanpakken. We moeten dit niet begrijpen in termen van substanties: de natuur is iets dat wij in de wereld tegenkomen. Wereld is oorspronkelijker dan natuur, of welk ander zijnde in de wereld dan ook. (Pagina 64; hier kan Heidegger met "innerweltlichen Seienden" dus niet "Dasein" bedoelen.)

Martin Heidegger, "Sein und Zeit" (1927), §9-13

§9

Dasein is zijn dat het om zijn eigen zijn gaat, is de nog ietwat donkere formulering van Heidegger. (Dit zouden we existentialistisch kunnen begrijpen als de noodzaak om onszelf te maken; of we kunnen het begrijpen als de formulering dat Dasein altijd ontologisch is.) Hieruit volgen twee zaken. (1) Het "wezen" van Dasein ligt in zijn te-zijn. Zijn "wezen" ligt niet in bepaalde eigenschappen, maar in mogelijke vormen van zijn. (2) Het zijn waarom het dit zijn gaat is altijd het mijne: Jemeinigkeit. Dasein is zijn mogelijkheden, het bezit zijn mogelijkheden niet als min of meer toevallige eigenschappen.

Martin Heidegger, "Sein und Zeit" (1927), §1-8

Heidegger wil de vraag naar zijn, beter, naar de zin van zijn, gaan stellen. Maar voordat dit mogelijk is dienen we er eerst van overtuigd te worden dat deze vraag gesteld moet worden, en vervolgens moeten we bekijken hoe zo'n vraag eigen gesteld en beantwoord kan worden.

Richard Rorty, "On Heidegger's Nazism"

Rorty houdt wel van het schetsen van een alternatieve geschiedenis, en hier gaat hij dat doen met het persoonlijke leven van Heidegger om een te tonen--of beter, om de mogelijkheid te tonen--dat Heideggers geschriften en zijn nazisme niet veel met elkaar van doen hebben.

Richard Rorty, "Heidegger, Kundera, and Dickens"

Martin Heidegger, Milan Kundera en Charles Dickens in één artikel geschreven door Richard Rorty--wat kan je nog meer willen? Zoals wel vaker begint Rorty met een gedachtenexperiment. Stel dat het Westen zichzelf vernietigt, het overlevende deel van de wereld een "ruthless campaign of de-Westernization" doorvoert, en dat dan over een paar honderd jaar mensen in Afrika proberen aan de hand van wat terug te vinden artefacten erachter proberen te komen wat het Westen was. Als er filosofen onder hen zijn, zullen deze op zoek gaan naar de essentie van het Westen.

Richard Rorty, "Wittgenstein, Heidegger, and the reification of language"

In dit artikel betoogt Rorty dat de jonge Wittgenstein nog vastzat in een metafysisch beeld van taal, terwijl de jonge Heidegger daar al grotendeel vanaf was; maar dat Wittgenstein zichzelf steeds meer bevrijd heeft, terwijl Heidegger steeds verder is terug gezakt, zodat de late Wittgenstein wat dit betreft ver boven de late Heidegger valt te prefereren.

Richard Rorty, "Deconstruction and Circumvention"

Deconstruction and Circumvention, het vijfde artikel in Richard Rorty's Essays on Heidegger and Others, is opnieuw een analyse van het werk van Jacques Derrida, net zoals Philosophy as a Kind of Writing. Dit artikel is echter uit 1984, terwijl het eerdere uit 1978 is. We kunnen dus een iets bijgewerkte visie verwachten.

Richard Rorty, "Heidegger, contingency and pragmatism"

Heidegger, contingency and pragmatism is een artikel uit het tweede deel van Rorty's verzamelde essays, Essays on Heidegger and Others. Veel van die "others" zijn trouwens Derrida. Maar nu dus Heidegger! In dit artikel gaat Rorty een uiterst pagmatistische interpretatie van Heidegger geven, omdat hij wil laten zien tot waar de pragmatist met de meester uit Duitsland (om Safranksi's frase te gebruiken) kan meegaan, en waar hij afscheid van hem moet nemen.

Syndicate content